Het Integraal Neurometabool Model beschrijft het brein als een voorspellend orgaan dat voortdurend zijn eigen energie moet begroten. In plaats van de wereld passief waar te nemen, genereert het brein onophoudelijk verwachtingen (priors) en toetst die aan binnenkomende signalen. Het verschil — de voorspellingsfout — stuurt waarneming, leren en gedrag.
De kern van het mechanisme is precisie-weighting: het brein bepaalt hoeveel gewicht een voorspellingsfout krijgt, oftewel hoe betrouwbaar het een signaal acht. Neuromodulatoren als dopamine, noradrenaline, acetylcholine en serotonine stellen die precisie af — en zijn tegelijk metabool kostbaar. Via interoceptie en allostase koppelt het INM dit voorspellende proces rechtstreeks aan de energiehuishouding van het lichaam: nauwkeurig voorspellen kost energie, en de beschikbare metabole supply begrenst wat het brein kan. Zo brengt het model cognitie en metabolisme samen in één mechanisme.